-
FAQ typeCausofactoren
-
FAQ typeCausofactoren
Hoewel sommige chemische blootstellingen veilig zijn, zijn de meeste dat niet. Bovendien zijn van veel chemische stoffen de risico’s voor mens en milieu nog niet duidelijk [1]. Om je er meteen ziek van te maken, is er een zekere hoeveelheid aan schadelijke chemische stoffen nodig. Maar ook veelvuldige blootstelling aan lage dosages kan door accumulatie voor ernstige gezondhiedsproblemen zorgen, zeker ook bij baby`s. Schadelijke chemicaliën kunnen in je lichaam terechtkomen als je ze inademt, eet of drinkt of als ze door je huid worden geabsorbeerd. Welke effecten de opgenomen stof juist heeft, verschilt sterk van persoon tot persoon [2].
Je komt elke dag in contact met wel honderden chemicaliën, ook wel chemische blootstelling genoemd. Het is ondenkelijk dat deze chemische blootstelling zo hoog ligt, terwijl men weet dat deze chemische stoffen toxisch kunnen zijn. Hiermee wordt bedoeld dat ze in bepaalde mate giftig zijn voor mensen. Deze giftigheid geeft gezondheidsrisico`s op korte zowel als op lange termijn. Van duizenden synthetische chemische producten waarvan tot nu toe geloofd werd dat ze onschuldig zijn, is vandaag geweten dat ze toch schadelijke gevolgen hebben. Veel van de controverse over chemische gevoeligheid komt voort uit het feit dat overbelasting van het milieu moeilijk te herkennen is door de clinicus. Een acute vergiftiging kan men vaststellen en meten. Echter, voor de vaststelling en behandeling van chronische belasting zijn er geen concrete middelen in het klassiek geneeskundig proces.
Bepaling van de ernst van toxiciteit
Veel factoren spelen een rol bij de vraag of u ziek wordt van contact met chemicaliën, waaronder [1]:
- het soort chemische stof waaraan u wordt blootgesteld
- hoeveelheid van de chemische stof waarmee u in contact bent geweest
- hoe lang het contact duurde
- hoe vaak u was blootgesteld
- hoe het in je lichaam is binnengedrongen
- de gezondheid
- de biochemische individualiteit
- de leeftijd
- de absorptiemogelijkheden
- de ontgiftingsmogelijkheden
- de uitscheidingsmogelijkheden
1. Soort chemische stof
Sommige chemicaliën hebben nog geen aantoonbare gezondheidsrisico`s. Dit komt vaak doordat de stof nog maar net op de markt is, waardoor het nog geen lange termijn studies heeft. Sommige chemicaliën zijn niet schadelijk bij een éénmalige blootstelling, maar kunnen je gezondheid schaden wanneer je er vaak mee in contact komt. De chemicaliën waarvan geweten is dat ze een gevaar kunnen zijn voor je gezondheid, bevatten meestal een pictogram op de verpakking. In de industrie komt dit vaak voor, maar evengoed de haarlak of deodorant die u gebruikt bevat zo`n label.
2. Hoeveelheid van de chemische stof waarmee u in contact bent geweest
Over het algemeen geldt dat hoe meer van een chemische stof je lichaam binnen krijgt, hoe groter het gezondheidsrisico. Echter, van de gevaarlijke chemicaliën volstaat vaak maar een kleine hoeveelheid om je gezondheid te schaden.
3. Hoe lang het contact duurde
Bij langdurig contact wordt de toxiciteit groter.
4. Hoe vaak u was blootgesteld
Op basis van het aantal keer men is blootsgesteld aan een toxisch chemische stof, wordt de volgende indeling gemaakt:
- éénmalige blootstelling: acuut intoxicatiegevaar
- herhaalde blootstelling: subacuut (28 dagen) en subchronisch (90 dagen – 1 jaar) intoxicatiegevaar.
- lange termijn: intoxicatiegevaar op een periode van langer dan 1 jaar. Hier wordt bepaald welke hoeveelheid van de stof een persoon gedurende zijn hele leven dagelijks kan innemen zonder noemenswaardig risico. Deze ‘aanvaardbare dagelijkse inname’ (Admissible Daily Intake of ADI) wordt uitgedrukt in milligram per kilogram lichaamsgewicht per dag.
Herhaalde blootstellingen aan dezelfde chemische stof blijven het immuunsysteem en ontgiftingssysteem schaden. Dit kan uiteindelijk leiden tot falen van het orgaan dat belast wordt met deze stof.
5. Hoe de stof in je lichaam is binnengedrongen
Een chemische stof kan giftig zijn wanneer hij langs een bepaalde route wordt opgenomen, maar onschadelijk zijn als hij langs een andere route je lichaam binnen komt. Dit hangt af van de eigenschappen van de bestreffende stof. Stoffen die via de mond binnenkomen, passeren vrij snel de lever en kunnen daar meteen ontgift worden. Geïnhaleerde stoffen komen eerst in de bloedbaan van de longen terecht, alvorens ze de algemene bloedbaan bereiken. Deze zullen dus pas op een later stadium de lever bereiken. Bovendien zullen andere organen aangetast worden naar gelang de toegangsweg die het toxine neemt.
6. De gezondheid
Des te beter je gezondheid, des te meer kansen je lichaam heeft om de schadelijke stoffen te ontgiften. Bepaalde aandoeningen of bijvoorbeeld zwangerschap kunnen de filtratiemogelijkheden van lever en nier beinvloeden. Dit kan op zijn beurt de toxiciteit verhogen.
7. De biochemische individualiteit
De biochemische individualiteit is verantwoordelijk voor de individuele gevoeligheid. Ze is afhankelijk van ten minste drie factoren: genetica, de toxische lichaamsbelasting tijdens de ontwikkeling in de baarmoeder en de hoeveelheid blootstelling van het lichaam op latere leeftijd. De manifestatie van bijwerkingen hangt af van de betrokken weefsels of organen, de chemische en farmacologische aard van de betrokken stoffen, de individuele gevoeligheid van de blootgestelde persoon (voedingstoestand, genetische samenstelling en toxische lading op het moment van blootstelling), de duurtijd van blootstelling, hoeveelheid en variëteit van andere lichaamsspanningen (totale belasting), en het mogelijke synergisme hiervan op het moment van reactie. Bijvoorbeeld, sommige personen worden geboren met een aanzienlijk lagere aanwezigheid van specifiek enzymen. Hoewel die persoon kan reageren op een omgevingsstimulans en dit nog kan opvangen, is deze reactie ook vaak aanzienlijk minder dan deze van de persoon die geboren is met 100% van de verwachte ontgiftende enzymen en immuunparameters.
8. De leeftijd
De leeftijd of levensfase van een persoon kan belangrijk zijn bij het bepalen van zijn of haar reactie op toxische stoffen. Sommige chemicaliën zijn giftiger voor baby's of ouderen dan voor jonge volwassenen.
9. De absorptiemogelijkheden
Het vermogen van de chemische stof om te worden opgenomen in de bloedbaan is essentieel voor de mate van toxiciteit. Sommige chemicaliën worden goed opgenomen en andere worden slecht opgenomen. Bijna alle alcoholen worden bijvoorbeeld niet geabsorbeerd als ze worden ingenomen. De snelheden en mate van absorptie variëren afhankelijk van de vorm van een chemische stof en de manier van blootstelling eraan.
10. De ontgiftingsmogelijkheden
Ontgifting wilt zeggen dat een giftige stof wordt omgezet van ene vorm in een minder toxische vorm. Over het algemeen zet ontgifting vetoplosbare verbindingen om in wateroplosbare verbindingen.
Er komt steeds meer bewijs dat de darmflora de toxiciteit van chemicaliën en andere giftige stoffen kan beïnvloeden. De microben kunnen bijvoorbeeld bepaalde chemicaliën verteren en de toxiciteit veranderen. Een goede darmflora is dus van belang in onze afweer tegen milieutoxiciteit [2].
11. De uitscheidingsmogelijkheden
De plaats en snelheid van uitscheiding is een andere belangrijke factor die de toxiciteit beïnvloedt. De nier is het primaire uitscheidingsorgaan, gevolgd door het maagdarmkanaal en de long (voor gassen). Giftige stoffen kunnen daarom worden uitgescheiden in de urine, de ontlasting, zweet en tranen. Verminderde nierfunctie veroorzaakt langzamere eliminatie van toxische stoffen en verhoogt hun toxische potentieel.
De schadelijke gevolgen van blootstelling aan bepaalde chemischte stoffen zijn veelvuldig. Ze kunnen meteen na de blootstelling plaatsvinden (acuut), of optreden na veelvuldige blootstelling (chronisch).
Hieronder worden de mogelijke effecten per lichaamsysteem besproken:
- het ademhalingssysteem
- het renaal systeem
- het hart-en bloedvaten systeem
- het voortplantingssyteem
- het zenuwstelsel
- het immuunsysteem
- de lever
- de huid
1.Ademhalingssysteem
- Mogelijke gezondheidseffecten : asbestose, longkanker, chronische bronchitis, fibrose, emfyseem en verminderde zuurstoftoevoer in het bloed [3].
- Mogelijke chemische contaminanten: asbest, radium, roet, benzeen, koolstofmonoxide, naftaleen, aluminiumpoeder van vuurwerk en verven, amonniak, ijzeroxide [3]
2. Renaal systeem
- Mogelijke gezondheidseffecten: verminderde vorming van urine, verminderde bloedtoevoer naar de nieren, verminderd vermogen om het bloed te filteren, verminderde urinestroom, schade aan het nierweefsel en nierkanker [4,5].
- Mogelijke chemische contaminanten: gechloreerde koolwaterstofoplosmiddelen [5]
3. Hart-en bloedvaten systeem
- Mogelijke gezondheidseffecten: hartfalen en het onvermogen van bloed om de nodige zuurstof naar het lichaam te brengen [6,7,8,9].
- Mogelijke chemische contaminanten: koolsfotmonoxide, koolstofdisulfide, nitraten, methyleenchloriden
4. Voortplantingssyteem
- Mogelijke gezondheidseffecten: verminderde mogelijkheid om een baby te krijgen, verhoogde babysterfte, verhoogde geboortegebreken en onvruchtbaarheid [10,11].
- Mogelijke chemische contaminanten: koolstofmonoxide,
5. Zenuwstelsel
- Mogelijke gezondheidseffecten: het onvermogen om te bewegen, verlies van gevoel, verwarring en verminderde spraak, zicht, geheugen, spierkracht of coördinatie [12,13].
- Mogelijke chemische contaminanten: cyanide, koolstofmonoxide
6. Immuunsysteem
- Mogelijke gezondheidseffecten: overreactie op milieumaterialen (allergie), vertragen of falen van het immuunsysteem, auto-immuniteit (auto-immuniteit zorgt ervoor dat het lichaam zichzelf aanvalt) [14,15,16].
- Mogelijke chemische contaminanten: pesticiden, polychloride biphenyls (PCB`s), Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's)
7. Lever
- Mogelijke gezondheidseffecten: leverbeschadiging, tumoren, ophoping van vet (steatosis) en de dood van levercellen [17,18,19].
- Mogelijke chemische contaminanten: koolstoftetrachloride, dichloormethaan, vinylchloride
8. Huid
- Mogelijke gezondheidseffecten: irritatie, uitslag, roodheid of verkleuring, dermatitis, en gezondheidseffect in verband met andere systemen en organen als gevolg van contaminatie door de huid [20].
- Mogelijke chemische contaminanten: Polychloorbifenylen (PCB's), dampen van benzine, verf, kleefstoffen, bouwmaterialen
Bronnen
[1] John A. Timbrell (2008) Principles of Biochemical Toxicology
[2] Environmental Chemicals, the Human Microbiome, and Health Risk: A Research Strategy National Academies of Sciences, Engineering, and Medicine; Division on Earth and Life Studies; Board on Life Sciences; Board on Environmental Studies and Toxicology; Committee on Advancing Understanding of the Implications of Environmental-Chemical Interactions with the Human Microbiome. Washington (DC): National Academies Press (US); 2017 Dec 29.
[3] Hanspeter R. Witschi, Jerold A. Last (2001) Toxic resproneses of the respiratory system, McGraw-Hill Companies
[4] H.N. MacFARLAND (1986) Toxicology of Solvents, American Industrial Hygiene Association Journal, 47:11,704-707, DOI: 10.1080/15298668691390511
[5] Xiao, J. Q. and Levin, S. M. (2000), The diagnosis and management of solvent‐related disorders. Am. J. Ind. Med., 37: 44-61. doi:10.1002/(SICI)1097-0274(200001)37:1<44::AID->3.0.CO;2-K
[6] Bortkiewicz A et al. (2010) Work-related risk factors of myocardial infarction..
Int J Occup Med Environ Health[7] Ramos KS, Bowes RC, Ou X, Weber TJ. (1994) Responses of vascular smooth muscle cells to toxic insult: cellular and molecular perspectives for environmental toxicants. (PMID:7990168) J Toxicol Environ Health
[8] Wojtczak-Jaroszowa J, Kubow S. (1989) Carbon monoxide, carbon disulfide, lead and cadmium--four examples of occupational toxic agents linked to cardiovascular disease.
(PMID:2682148) Med Hypotheses[8] Kurppa K , Hietanen E , Klockars M , Partinen M , Rantanen J , Rönnemaa T , Viikari J. (1984) Chemical exposures at work and cardiovascular morbidity. Atherosclerosis, ischemic heart disease, hypertension, cardiomyopathy and arrhythmias. Scandinavian Journal of Work, Environment & Health 10(6 Spec No):381-388
[9] Sahand Rahnama-Moghadam, L. David Hillis and Richard A. Lange (2014) Environmental Toxins and the Heart. Heart and Toxins Pages 75-132
[10] Sidorkiewicz I, Zaręba K, Wołczyński S Czerniecki J (2017) Endocrine-disrupting chemicals-Mechanisms of action on male reproductive system. Toxicol Ind Health. 33(7):601-609. doi: 10.1177/0748233717695160. Epub 2017 May 3.
[11] Balbus, J. M., Barouki, R., Birnbaum, L. S., Etzel, R. A., Gluckman, P. D., Sr, Grandjean, P., … Tang, K. C. (2013). Early-life prevention of non-communicable diseases. Lancet (London, England), 381(9860), 3–4. doi:10.1016/S0140-6736(12)61609-2
[12] Damstra T. (1978). Environmental chemicals and nervous system dysfunction. The Yale journal of biology and medicine, 51(4), 457–468.
[13] Moser, Virginia & Aschner, M & Richardson, Rudy & Philbert, Martin. (2008). Toxic responses of the nervous system.
[14] Vos J, Van Loveren H, Wester P, Vethaak D. (1989) Trends Pharmacol Sci. Jul;10(7):289-92.
[15] Kavita Gulati, Arunabha Ray, (2009) Immunotoxicity . in Handbook of Toxicology of Chemical Warfare Agents
[16] Kreitinger, J. M., Beamer, C. A., & Shepherd, D. M. (2016). Environmental Immunology: Lessons Learned from Exposure to a Select Panel of Immunotoxicants. Journal of immunology (Baltimore, Md. : 1950), 196(8), 3217–3225. doi:10.4049/jimmunol.1502149
[17 Nachman Brautbar, John Williams (2002)
Industrial solvents and liver toxicity: Risk assessment, risk factors and mechanisms,
International Journal of Hygiene and Environmental Health, 205:6,[18] Yu, C., Wang, F., Jin, C., Wu, X., Chan, W. K., & McKeehan, W. L. (2002). Increased carbon tetrachloride-induced liver injury and fibrosis in FGFR4-deficient mice. The American journal of pathology, 161(6), 2003–2010. doi:10.1016/S0002-9440(10)64478-1
[19] Malaguarnera, G., Cataudella, E., Giordano, M., Nunnari, G., Chisari, G., & Malaguarnera, M. (2012). Toxic hepatitis in occupational exposure to solvents. World journal of gastroenterology, 18(22), 2756–2766. doi:10.3748/wjg.v18.i22.2756
[20] Anderson, S. E., & Meade, B. J. (2014). Potential health effects associated with dermal exposure to occupational chemicals. Environmental health insights, 8(Suppl 1), 51–62. doi:10.4137/EHI.S15258